Vuistbijlen zoeken fotograferen en liggen laten, een verhitte zoektocht

De hitte was bijna ondraaglijk, we spreken over het jaar 1999, zonder mededogen scheen de koperen ploert onophoudelijk op het dak van de minibus. Alle ramen stonden open, maar de hete bries zorgde nauwelijks voor verkoeling. Ik kon  nauwelijks geloven dat ikzelf deze safari -zo noemde de Turkse chauffeur de onderneming- bedacht had. De hele dag was ik al op zoek naar artefacten geweest. En wat had ik een bijzondere dingen gezien! Het begon in alle vroegte, de temperatuur bedroeg nog maar 25 graden, met een bezoek aan een tweetal prachtige Romeinse graftombes. Een paar kilometer verderop lag een verticaal doorgesneden bewoningsheuvel (hüyük), afgegraven bewoningsheuvelondenkbaar in Nederland maar een eldorado voor steentjeszoekers. Een tijdje later was een Romeinse mijlpaal(!) aan de beurt, ze lag direct naast de stoffige  kiezelweg waarop wij onze tour vervolgden. Op de aanpalende akker lagen duizenden neolithische afslagen, ik voelde mij in het Walhalla. Maar dan die hitte! De temperatuur vlak boven het aardoppervlakte liep op tot over de 50 °C, teveel voor een normaal gesproken redelijk koele Nederlander. In de verte ontwaarde zich een riviertje, een verfrissende duik lonkte. De weg er naar toe was duidelijk niet gemaakt voor auto’s, de gaten waren soms een meter diep. Na een gigantische omweg arriveerde ik tenslotte bij de rivier. Tot mijn verbazing was de naast gelegen akker net afgebrand (verbranden van het kaf). Even verderop lag zelfs een hüyük. Weer zo’n historische plek, zoals er velen zijn in dit prachtige land. Na uitgestapt te zijn droogde mijn -van het zweet nat geworden- blouche  binnen enkele tellen op. Ik lette meer op de anderhalf meter lange slang die voorzichtig tussen doornen laverend, een veilig heenkomen zocht.  Twee bijeneters zweefden door de lucht, hun Een van mijn eerste gevonden vuistbijlenprachtige felle kleuren zou een ieder hebben bekoord. Vol bewondering keek ik hen na, vervolgens richtte mijn blik zich op de grond voor mijn voeten. En daar lag ze, ik kon mijn ogen niet geloven. Voor het eerst van mijn leven aanschouwde ik in de natuur een vuistbijl! Geen twijfel over mogelijk, tweezijdig bewerkt, snijdende kanten en een (enigszins afgeronde) punt. Wat was ze groot! Achter vitrines had ik natuurlijk wel diverse exemplaren mogen aanschouwen, maar die waren allen rond de 10 centimeter. Dit exemplaar was ongeveer 25 cm lang en woog tenminste een kilo. Ik voelde mij een soort Indiana Jones, 4500 kilometer van huis en een spectaculaire ontdekking doende. Toen de rust weer een beetje in mijn gemoed terug was gekeerd, ontdekte ik een verborgen vuistbijlnog meerdere exemplaren. In totaal 12 (!) om precies te zijn. Allen liggen ze op een plateau, 25 meter daaronder  stroomt de dieper in het landschap uitgesleten rivier. Alsof de vroegere gebruikers van de vuistbijlen speciaal op deze plek hun gereedschap maakten om hun pas gedood voedsel te ontleden. Niets meenemen van het gereedschap, gewoon binnen een paar minuten ter plekke maken. Bruikbaar vuursteen ligt er genoeg.

Datering van de vuistbijlen

In een klein museum vond ik de Turkse datering, tussen 150 KA (zoals dat tegenwoordig heet) en 500 KA.  Een ruime datering welke aangeeft dat het onderzoek er naar nog in de kinderschoenen staat.
Vele malen ben ik terug geweest, op deze en andere plekken heb ik meer dan 100 vuistbijlen mogen aanschouwen. Mooie afslagen, gefabriceerd met de zgn. Levallois-techniek kwam ik niet tegen. Dat maakt een datering van 300.000 jaar (300 KA) en ouder het meest waarschijnlijk.

U vraagt zich af of ik inmiddels een uitgebreide collectie bezit? Het antwoord is “Nee!”. Ten eerste is het streng verboden artefacten mee te nemen en ten tweede, ze horen in Turkije thuis! Dus fotograferen, inmeten, tekenen etc.! En laten liggen!
De zon kan me niks meer schelen, ik weet dat er na elke tocht een prachtige beloning wacht. Volgend jaar maar weer.

 

Laat u inspireren door mijn verhalen uit het verleden!