Stenen in Portugal


Anta do Estanque – modern hergebruik van een Dolmen

Rondzwervend in de buurt van S. Geraldo werd ik door iemand attent gemaakt op de Anta do Estanque, Basisschool Anta do Estanquedat zou nog eens wat speciaals zijn. Vol verwachting vertrok ik naar het kleine plaatsje, gelegen in het hart van Portugal. Bij de plaatselijke basisschool (!) de auto parkeren en vervolgens de borden volgen. Het verbaasde me al dit ik in het midden van het dorp moest zijn. Volgens het laatste bord moest ze zich hier bevinden. Op de grote open vlakte was echter niets te zien, een paar lokale mensen zaten achter hun kop koffie mijn verrichtingen gade te slaan. In mijn beste Portugees vroeg ik Anta do Estanque naar de anta. Blijkbaar is mijn beheersing van de taal toch niet zo goed, pas na de vierde keer verstonden ze me. Ooh, Anta! De vingers wezen op een positie achter me. Eerst zag ik haar niet, ze lag op een positie die ik nooit van mijn levensdagen had verwacht. Tegen een huis aan, sterker nog, ze vormde onderdeel van het huis. Bij nadere beschouwing bleek dat de achterste draagstenen onderdeel uitmaakten verscholen in een hoekje, Anta do Estanquevan de fundamenten van het huis. Amper bekomen van mijn verbazing ging ik op onderzoek uit. De zeven (!) draagstenen stonden -evenals de deksteen- nog op hun originele plaats. De grafkamer was nog intact, maar het gehele voorportaal was verdwenen. Tussen de draagstenen zaten nog de origineleStopstenen en beton, Anta do Estanque stopstenen. Iets wat ik nog niet al te vaak ben tegengekomen in Portugal. Maar voor de rest is het natuurlijk een archeologisch wrak. Is de eigenaar van het huis een liefhebber van de geschiedenis van zijn land? Vast niet, vermoedelijk lag de anta op het grondstuk dat hij had aangekocht voor de bouw van zijn huis. Weghalen mocht niet van de regering, dus dan maar zo optimaal de grond gebruiken.
Tegen de anta ligt een moderne wasteil en in de grafruimte spelen de kinderen. Hergebruik van het monument, maar dan niet zoals de oorspronkelijke bouwers het bedoeld hadden.
Zo moet het dus niet!!!

Cromeleque dos Almendres – Ik ben het er gewoon niet mee eens!

Vandaag in een ongelooflijke wereld terecht gekomen. In de buurt van Evora (Portugal) ligt een constellatie van twee steencirkels.
Het was wederom slechts 100 kilometer rijden, geen problemen of andere gekkigheden. Nee, soepeltjes begon het, eenmaal in de buurt van het monument werden de wegen slechter en smaller. Eerst nog even Cromeleque dos Almendres, overzicht. Bovenkant is het noorden.een bezoekje gebracht aan het kleine, koele en leuke informatiecentrum, waarna de 4,5 kilometer durende safari begon. Een weg die leek op een rivierbedding -vanwege de zandkuilen en de scherpe rotsen-, voerde Willem en mij naar de steencirkels. Af en toe een tegemoet komende auto, rijdend met een slakkengang en een wirwar van stof en stenen de lucht in schietend.
Tot mijn grote blijdschap liepen er nauwelijks mensen rond. Bovenop een steile heuvel ontwaarden zich grote menhirs. Staand in een grote cirkel keken ze me rustgevend aan. Alleen de vogels en de krekels maakten geluid. U moet zich voorstellen; we staan in de verzengende hitte in eenCromeleque dos Almendres , vanaf het oosten omgeving waar nu rubberbomen en dennen staan. Denk ze allemaal maar weg, 7000 jaar geleden stonden ze er niet. Op de top van de heuvel staan zoals eerder vermeld grote menhirs in een cirkel (de eerste), daarna volgt steil bergafwaarts de tweede. Er aan vastgeplakt zogezegd. De menhirs hiervan worden steeds kleiner, uiteindelijk sluiten ze de cirkel -eigenlijk meer een ovaal- af.
Helaas, nergens informatie! Duidelijk een tekortkoming bij zo’n prachtig monument. Cromeleque dos Almendres , vanaf het westenU moet het dan maar met mij doen. Hier in Portugal beweren ze dat het zou gaan om twee verschillende steencirkels. 
Cromeleque dos Almendres toont enorme gelijkenissen met de steencirkels in Normandië. Nog steeds doet men daar archeologisch onderzoek, men weet er al heel veel meer dan hier in Portugal. Steenwegen, nederzettingssporen en begraafplaatsen zijn daar in of rondom diverse steencirkels gevonden. Dat onderzoek moet hier nog plaats vinden.
Een cirkel binnen een grotere steencirkel komt in Frankrijk ook voor. Franse archeologen beweren datMenhir van Cromeleque dos Almendres waar de grote menhirs staan, het een plek voor offerandes was. Daartoe heeft men een altaar nodig. Laat die nu hier ook binnen de eerste cirkel liggen! Niet als zodanig beschreven, maar voor mij onmiskenbaar. Ik ben dan ook van mening dat beiden steencirkels bij elkaar horen. Een religieus centrum en een observatorium. In het midden van de kleinere cirkel staan drie grote menhirs, trek een lijn door en u komt -1,4 km verder- bij het volgende monument. Een alleenstaand menhir! Een erg grote, viereneenhalve meter hoog. Tijdens de zonnewende komt de zon precies achter de eerder Menhir met afbeelding - Cromeleque dos Almendresgenoemde lijn op. Vanwege haar vorm en de bewerkte top wordt de menhir gezien als een vruchtbaarheidssymbool, aangeraakt door velen – niet door mij – ter verbetering van de potentie of de wens om zwanger te worden. Indrukwekkend is hij in ieder geval, evenals de klim er naar toe. Je moet er wat voor over hebben, nietwaar?!
Ook sommige menhirs van de steencirkels zijn bewerkt. Ik heb duidelijke cirkelsTweede afbeelding op Menhir - Cromeleque dos Almendres kunnen waarnemen op enkele ervan. Petrogliefen in vaktaal. Bovendien zitten op vier exemplaren cupmarks. Napjesstenen zouden we in Drenthe zeggen. Vaak geassocieerd met het bereiden van voedsel of medicijnen. Dat is hier op twee meter hoogte een beetje moeilijk. Ze zijn ook niet eerder aangebracht, want ze liggen op de top en lopen loodrecht naar beneden.
Veel is onduidelijk over Cromeleque dos Almendres, maar de rust die ze uitstraalt is in ieder geval Goddelijk!

Anta Pinheiro dos Abracos, hunebed, maar dan ouder!

Grappig hier die namen. Vertaald: Hunebed van de pijnboom omhelzing. Eens stond bovenop de Anta Ingang Anta Pinheiro dos Abracoseen enorme pijnboom. Zeven mensen moesten elkaars armen vastpakken om de boom te kunnen omhelzen. Heden ten dage is er geen pijnboom op het monument meer te bekennen. Allemaal gekapt, ze brachten aanzienlijke schade aan, de wortels schijnen ook een aantal draagstenen te hebben vernietigd.
Hoe het ook is, tegenwoordig sjeest een twee meter man op een blauw fietsje er in volle snelheid aan voorbij om even later van de andere kant de 15 % helling hijgend en puffend te beklimmen. Enigszins mopperend op zichzelf, “Doe toch eens rustig!”, hoort u stilletjes.
Maar de aanblik van de zoveelste anta maakte alles goed, ze ligt er -ondanks de eerder genoemde beschadigingen- nog super bij.
U kijkt direct in de gang welke toegang geeft tot de grafkamer. Ze is meer dan zeven meter lang. Alleen het paar draagstenen voor de tombe heeft een deksteen, de rest is verdwenen. U kunt zich nietgrafkamer, Anta Pinheiro dos Abracos bedwingen -ik poneer mijn gedrag op u-, een onweerstaanbaar gevoel maakt zich van u meester. U wilt naar binnen. Aankomend in de grafkamer overvalt u een zekere teleurstelling, de stralende blauwe hemel schijnt in volle heftigheid op uw hoofd. Ook hier zijn de dekstenen (waarschijnlijk maar één hele grote!) verdwenen.
Wat maakt deze anta dan zo speciaal om hier op de website te vermelden. Ten eerste is de dekheuvel nog aanwezig, de randen daarvan zijn nog niet onderzocht. Dit terwijl ze niet zoals de meeste anta’s al in de 19e eeuw opgegraven is maar pas in 1965. De grafkamer Portugal: grafkamer Anta Pinheiro dos Abracos, van bovenbevatte 50 versierde (waaronder trechterbeker aardewerk) en onversierde potten! Vele geslepen bijlen, messen en pijlpunten kwamen tevoorschijn, alsmede diverse kralen.
De vroegste datering van het aardewerk geeft een ingebruikname van 6000 geleden. Zo’n duizend jaar eerder dan de Drentse hunebedden!
Tegenwoordig zijn nog maar vijf van de draagstenen behorende tot de grafkamer aanwezig.  Meestal is de dodenkamer omgeven door zeven dragers. Blijkbaar had het getal zeven ietsDekheuvel Anta Pinheiro dos Abracos magisch, geen idee, maar opvallend is het wel. Hier zijn het acht geweest, merkwaardig toch.
Verteller van het Oude aan het werkEen koperen pijlpunt bracht de archeologen tot de conclusie dat het grafmonument in een latere periode hergebruikt is. Na mijn mening hoeft dat niet, gebruik van koper is in de laatste fase van de trechterbeker cultuur niet onmogelijk.
Terwijl u binnen zit en de storm met bijbehorende regen over zich heen laat komen, wil ik toch een foto met u delen. Het laat zien onder welke helse omstandigheden de “Verteller van het Oude” zijn verslagje voor u schrijft. Om medelijden te krijgen!

Conímbriga – een overdaad aan mozaïeken!

Het zou de best bewaarde Romeinse stad van Portugal zijn. Zoiets triggerd!  Ritje van niks, nog geen 15 kilometer, een schroef op de weg gooide lucht in the air. Wederom een gelukje, een paar honderd meter verder was een banden bedrijfje. De eigenaar lachte om mijn bezorgdheid, fluitje van een cent. Gebeurt regelmatig in Portugal. Band eraf, schroef eruit, plug erin, opblazen en weer gaan. Ik kon niet afzien hoe snel het ging! Grote opluchting, maar met enige bedenkingen zette ik de tocht voort.
Conímbriga is in 139 v. Chr. door de Romeinen veroverd, onmiddellijk begonnen ze de stad om teImposante stadsmuur -Conímbriga bouwen na Romeins voorbeeld. Compleet met thermen, amfitheater, tempels, forum, huizenblokken etc.. Ergens eind derde eeuw, toen het Romeinse Rijk ten onder dreigde te gaan, werden er geen halve maatregelen getroffen, hele wijken werden afgebroken en hun stenen werden gebruikt voor het bouwen van de hoogste stadsmuur die ooit gezien heb. Op sommige plaatsen meer dan acht meter!! De fundamenten van de huizen bleven bewaard. In 468 raakt Conímbriga in verval en werd ze verlaten. De stad lag in een moeilijk toegankelijk gebied, omgeven door hoge rotsen en diepe dalen. Ze raakte in vergetelheid, werd overwoekerd, slechts de stadsmuur stak hier en daar nog boven de aarde uit.
Wat eens een prachtige stad moet zijn geweest ligt er nu verzengend in de zon bij.  Bijna geen schaduwplekje te bekennen, en overal de weerkaatsing van de zon op de restanten. Maar prachtig is ze! Opbouw stadsmuur -ConímbrigaImposant is de stadsmuur, een allesoverheersend element. De vloeren en fundamenten van de afgebroken huizen ten behoeve van haar, geven heden ten dage haar schitterende mozaïeken prijs. Hoeveel ik er gefotografeerd heb? Ik ben de tel kwijt geraakt. Ze zijn niet van dezelfde kwaliteit als in Pompeï, maar toch! Complete muurschilderingen werden in deze begraven en verwoeste stad alleen in brokstukken aangetroffen. Wie weet in de toekomst, slechts 20% van haar geschiedenis is volgens de archeologen ontdaan van hun beschermende laag. Op een plek waar ik weer eens een keer niet mocht komen, was men net begonnen een necropolis op te graven. De bijbehorende vondsten doen voor de toekomst veel beloven.
Neemt u voldoende water mee, beschermende kleding etc., de Verteller van het Oude heeft er een kleinestructuur stadsmuur -Conímbriga zonnesteek opgelopen waarvan ik nu nog hinder ondervind en daardoor genoodzaakt ben mijn activiteiten op een iets lager pitje te zetten.
Opvallend vind ik dat de mozaïeken heden ten dage blootgesteld zijn aan weer en wind. De kleuren zijn best al vervaagd. Hopelijk wordt dit proces een halt toegeroepen.
Er valt veel te zien en te bewonderen, de eerder genoemde opsomming treft u er allemaal aan. Welvarend is ze geweest, zonder twijfel! Best bewaard? Afgaande op het aantal mozaïeken en de imposante verdedigingsmuur, zou het antwoord bevestigend kunnen zijn. Maar het is hier overal zo archeologisch mooi! Oordeelt u liever zelf.
En Willem (inmiddels Willem III), hij -met mij achter het stuur is het een mannetje- snort er weer over. Dankbaar voor alle aandacht en zorg. Alleen snakt hij naar een wasbeurt, na ik begreep kan hij die op dit moment in Nederland gratis krijgen!

Mozaïek 6 -Conímbriga Mozaïek 5 -Conímbriga  Mozaïek 4 -Conímbriga  Portugal: Mozaïek 3 -Conímbriga

Troia – gesloten, geweigerd, weggestuurd, binnen geslopen en heel aardig ontvangen

Zit je in Turkije? Ik zou me die vraag kunnen voorstellen. Nee, ten zuiden van Setubal (bij Lissabon), over het water, op wat nu een schiereiland is. Maar in de Romeinse tijd was het echt een eiland, vol met activiteiten en van belang voor Rome. Maar voor dat ik geschiedkundig uitweid, eerst even mijn eigen belevenissen (mag ik trouwens graag doen als ze goed aflopen).
Het verhaal van gisteren -ook niet onaardig trouwens- houdt u nog even tegoed, gisteren geen puf meer, uitgedroogd, uitgehongerd en moe!
Grote visbassins - TroiaVolkomen uitgerust en in opperbeste stemming -hetgeen altijd het geval is als er iets moois wacht-, vertrok ik niet al te vroeg. Vandaag maar 300 km en voornamelijk over snelwegen. Drie uurtjes later stond ik dan ook voor het toegangshek van Troia, In Romeinse tijd de belangrijkste leverancier van visproducten aan de stad Rome. Nergens ter wereld -want er zijn meer productieplaatsen geweest- zijn de visbassins bewaard gebleven. Sterker nog, nergens, laten we het bij Europa houden, zijn er aanwijzingen van dien aard zoals we ze hier in Troia aantreffen. Daar moest ik heen, ik had er voor deze reis nog nooit over gehoord of gelezen.
De poort zat dicht, het slot half open. Volgens mijn informatie ging ze na de siësta -tot 14.30 uur- weer open. Helaas, een kwartier na het middagdutje kwam er nog niemand opdagen. Tijd is tijd, ik heb de poort maar zelf open gedaan. Twee kilometer met Willem -voor niet ingewijden; mijn VW-kampeerbusje- stof happen om vervolgens aangehouden te worden door een man in uniform. Druk gebarend en scheldend (althans zo hoorde het) beduidde hij dat ik moest opzouten (woordspeling voor de rest van het verhaal). Even kreeg ik de neiging het gaspedaal in te drukken, toen overwon mijn rijkelijk verstand. Terwijl ik de stoffige terugweg aanvaarde, accepteerden mijn hersenen deze nederlaag niet. In een zijpaadje de auto verdekt opgesteld, rugzak en water gepakt. De bewaker niet meer aangetroffen -hij zal zijn succes wel aan het vieren zijn 😊- tot aan de omheining van het park gelopen en gepoogd een toegang te vinden. En dat alles in de volle zon, 35 graden. Terwijl ik de eerste halve liter water naar binnen goot, hoorde ik achter mij een stem. Ze was van de archeologie die toezicht op het park hield. Ze was bijzonder hartelijk en begripvol voor mijn diepe wens  de site te willen zien. Helaas was met ingang van oktober het winterseizoen begonnen en werden bezoekers geweerd. Voor mij maakte ze graag eenArtist impression - Troia uitzondering en zo kwam het dat ik alleen op deze prachtige site kon rondlopen. Zeer tot genoegen van alle vliegen die te vergeefs op de toeristen wachten.
Tien procent van de site is nog maar opgegraven, voor de rest ontbreekt het aan geld. Maar wat er te zien is, daar valt u mond van open!
In Romeinse tijd werd de op zee gevangen vis zo snel als de wind het toeliet naar Troia gebracht. Daar werd de vis -al naar gelang de grootte- opgeslagen in diverse bassins. Er werd een enorme hoeveelheid zout aan toegevoegd. Als het ging om gezouten vis dan was ze na een paar weken in een zoutbak gereed voor transport. Echter de Romeinen waren ook dol op sauzen, een product waar ik Kleine visbassins - Troiavan gruwel. Vis en zout wordt, als men het maar lang genoeg laat liggen, vanzelf saus. Fermenteren zogezegd. De dunne saus had al snel een bereidingstijd van een paar maanden nodig. In de bassins waren roosters geplaats waardoor de saus in een vat druppelde. Garum! In Pompeï kwam ik graffiti tegen met reclame voor deze garum. Nu had je ook een dikkere soort, lijkt het meest op vispasta, de hallec.
Hier in Troia kwam ik tientallen bassins tegen, grote en kleine, diepe (4m) en minder diep. Volgens de archeologe hadden ze nog niet de helft van alle productieplaatsen opgegraven. Vlak naast de -stinkende- bassins lagen de thermen. Na het werk zo had bad in! Ik kan me het zo voorstellen.
De arbeiders stierven er natuurlijk ook. Eenvoudige graven waren hun deel, dit jaar was er echter een grafPortugal: Arbeidersgraven - Troia gevonden -ver verwijderd van de productieplekken- van een rijke dame. Haar grafgiften waren navenant. Volgens de archeologe -ze vertelde graag over haar werk- betrof het een vrouw van over de negentig jaar.
Huizen zijn er slechts een paar onderzocht. Met name in de 19e eeuw en dan ook nog door de toentertijd a.s. koningin van Portugal, Maria.
Even terug naar het goddelijk eten. De saus werd in amforen per schip naar Rome en andere gebieden binnen het Romeinse Rijk vervoerd. Een delicatesse uit Troia.
Waarom die naam zult u zich misschien afvragen? Ik weet het niet, vergeten te vragen. De stad uit de eerste helft van de tweede eeuw zou genoemd kunnen zijn naar het haar illustere naamgenoot in Klein-Azië.
Op de terugweg was de poort dicht, Willem en ik stonden opgesloten. Misschien schaterde de bewaker van het lachen, thuis, achter een glaasje Port.

Er zijn van die dagen ….

dat heel veel tegenzit. Vandaag was zo’n dag, terwijl ik nog wel zo opgewekt vanaf mijn kleine kampeerplaats vertrok. Onderweg even heerlijke broodjes gescoord, avondeten geregeld, TomTom ingesteld en rijdend door de prachtige Portugese binnenlanden. Wat wil een mens nog meer!
Ik was nog geen tien kilometer op pad toen de navigatie het liet afweten, niet getreurd, dan maar de telefoon gepakt. Geen verbinding! Dat heb je hier in Portugal om de haverklap in de binnenlanden. De dekking valt regelmatig weg, behalve op de grotere wegen. Toen de navigatie het uiteindelijk weer deed, bleek ik de verkeerde kant te zijn opgestuurd.
De Romeinse boog van BobadelaNormaal zou ik heb zitten te balen als een stekker, ware het niet dat ik in een klein stadje, Bobadela, ineens geconfronteerd werd met twee pilaren voorzien van een boog. Je hoefde geen kenner te zijn om te zien dat deze uit de Romeinse tijd stamden. Er omheen lagen resten van andere pilaren en Romeinse steenblokken. Natuurlijk was mijn interesse onmiddellijk gewekt. In de muur van de kerk kon ik lezen aan wie het bouwwerk (vml. een tempel) gewijd was. Twee Welgestelde Romeinse burgers en aan de god Neptunus.
De boog vormde vroeger de oostelijke ingang tot het Forum, een deel van de oude straat is nog steedsPortugal: Gewijd aan Neptunes- Bobadela te zien. In de pilaren zitten een paar gaten, uitgehouwen aan weerszijden, waar de forfex (metalen haak die werd gebruikt om de zware blokken op te tillen ten tijde van de bouw van het monument) was bevestigd. De uiteinden van deze robuuste “tang” vielen samen met de twee kleine gaatjes. Door de druk die de forfex op de gaten uitoefende, konden de granieten blokken op de juiste plaats worden geplaatst. Hijsgaten, die later met mortel dichtgesmeerd waren en door de tands des tijds er weer zo uit zien als tijdens de bouw.
Dit had ik allemaal niet gezien als de navigatie het niet had laten afweten, het bijbehorende museum was gesloten -ik tref het wat dat betreft ook niet-, maar daarachter lag een van de mooiste amfitheaters die ik Portugal: Amfitheater Bobadelaooit heb gezien. Stammend uit de 1e eeuw en in gebruik tot de 4e eeuw.  Het werd gebouwd als een elliptische arena, met een noord-zuid oriëntatie, voorzien van een dikke grindvloer. De podiummuur die de arena omringde, werd gemarkeerd door twee ingangen op de hoofdas en bestond uit rijen granieten blokken en bekroond door een tweedelige kroonlijst. De vulling van de cavea (ondergrondse cellen), ongeveer 15 meter breed, maakte waar mogelijk gebruik van de rots en daarop lagen houten banken. Dat moet voor de gladiatoren niet genoeglijk zijn geweest, in de brandende zon af te moeten wachten tot je aan de beurt bent, niet wetende of de volgende dag net zo zonnig zou zijn.
U kunt het hele amfitheater doorlopen. Zelfs in de loge box  zitten, als belangrijk Romeins heerschap.
Er was niemand, behalve uw Verteller.
Voor vandaag stond een andere Romeinse stad op het programma, ik ben er nooit gekomen. Zestien kilometer voor het eindpunt liet mijn VW-bus (Willem) me in de steek. Een gebroken aandrijfriem. Tja, en dan gaat niets meer behalve de helling afrollen en bij een garage tot stilstand komen. En dat was zweten kan ik u wel vertellen en niet alleen vanwege de 29 graden. Helaas kan de garage er nog niet mee aan de gang. Het goede nieuws is dat ik op mijn fietsje morgen alles kan bereiken en dat ik nu op een heerlijke, air conditioneerde hotelkamer zit. Met dank aan de reisverzekering.

Anta da Pedra da Orca, een draak van een dolmen

Ik wilde even een dag je niet schrijven, even rust net als u de trouwe lezers van mijn website. Maar het zit er niet in, althans voor mij. In struikel hier in Portugal over de (pre)historie, weg rust, ik moet het zien! Dan maar vermoeid terug in Nederland, ik krijg spijt als ik niet alles wat voor mijn neus komt bekijk!
Gelukkig heb ik in Nederland een selectie van bezienswaardigheden gemaakt, anders ben ik over een jaar nog niet terug.
Als ruggensteun gebruik ik het boek van Hendrik Gommer, “Mythische stenen”, samen met zijn vrouwPortugal: Anta da Pedra da Orca trekt hij sinds 2015 langs duizenden hunebedden in Europa. Aan bovengenoemd dolmen hebben beiden weinig aandacht besteed, terwijl ik erbij stond te smullen (is wat netter dan kwijlen).
Laat ik eerst eens met de naam beginnen. Het viel mij op dat meerdere dolmen de naam Orca dragen, in het Galicisch verwijst het naar een mythologisch figuur, meestal een draak. Anta betekent niets anders dan muur, terwijl Pedra refereert naar steen. Een stenen muur dus, die lijkt op een draak.Portugal: Anta da Pedra da Orca, ingang
Kijkend naar de dolmen, dan moet de ingang de staart zijn en de grafkamer de kop. Ik vind de naam, stammend uit de vorige eeuw, nog niet zo slecht gekozen. Klink toch anders dan hunebed D12 bij die nuchtere Drenten.
Anta da Pedra da Orca ligt verlaten, een smoezelige parkeerplaats en een dito huis vormen haar enige gezelschap. Gelegen op een heuvel in het veld is de in 1895 opgegraven dolmen, van verre te zien. Gelukkig maar want het enige wat aan haar bestaan herinnert is een verroest bord langs de weg.
Ik voel me niet vaak klein, als grote man van twee meter heb je daar nu eenmaal weinig last van. Maar hier val ik in het niet. Wat is ze hoog, 3 meter! De enorme stenen plaat die de grafkamer afdekt is meer dan 3,5 meter breed en wordt gedragen door drie forse draagstenen. Oorspronkelijk waren dat er waarschijnlijk vier, maar eentje is schuin weggezakt. Rondom de grafkamer staan inclusief de dragers Portugal: Anta da Pedra da Orca, grafkamerzeven stenen. In een later hoofdstuk kom ik daar op terug.
De dekstenen over de ingang (naar het oosten gericht) ontbreken, daar staat tegenover dat een deel van de dekheuvel nog aanwezig is. Archeologisch onderzoek betekende hier -net als in Nederland trouwens- dat we vaak alleen het geraamte nog zien. Ze dateert uit het eind van het Neolithicum . Men heeft dat kunnen vaststellen aan de hand van de vondsten in de grafkamer. Pijlpunten van kwarts -door de granieten stenen lopen ook kwartsaders-, kralen, aardewerk fragmenten en menselijke botten.
Zeg nu zelf, is ze geen schatje? Daar kun je toch niet aan voorbij rijden!

Portugal: Côa Valley, een dal met pas ontdekte dierlijke afbeeldingen

Het doel van mijn reis was deze omgeving. Gelegen in Portugal, vlak over de grens met Spanje. Urenlang reed ik door een oneindig leeg landschap, glooiende wegen, verdorde bomen en grassen, af en toe een geblakend gedeelte vanwege de recente bosbranden. Bijna niemand op de weg, om slaperig van te worden. Gelukkig zo nu en dan een laagte naar een stuwmeer, hele scherpe haarspeld bochten en niet Portugal: Côa dalharder dan 40 kilometer er doorheen. Laat in de middag zaten mijn 600 kilometer erop en kon ik mijn auto parkeren naast het museum. Op dat moment begon het te stormen en te regenen. Dat laatste was hier in heel wat maanden niet meer gebeurd. Opgewekte gezichten rondom mij.
In 1994 wilde de Portugese regering er een stuwmeer aanleggen. Niets ongewoon in deze streken waar altijd een te kort aan water is. Terwijl het werk in volle gang was ontdekten arbeiders tekens op diverse rotsen. Dieren; geiten en steenbokken, oerossen, wolharige neushoorns, paarden en edelherten en een enkele vis. Allemaal mogelijke voedselbronnen voor onze voorouders. De ingegraveerde afbeeldingen zorgden voor opschudding in de omgeving. Men zag er de belangwekkendheid van in en een potentiële boost voor de toeristen industrie. De partij die beloofde de bouw van de dam stop te zetten won de verkiezing. Daadwerkelijk werd de dam niet afgebouwd! HelaasPortugal: regen en wind in Côa was er in eerdere jaren al een kleine dam gebouwd, waardoor het peil van de rivier de Côa al twaalf meter hoger lag. Ik vertel u dit verhaal omdat ze voor de rest van mijn ontdekkingstocht door dit gebied van belang is. Maar zover zijn we nog niet, eerst moest de storm en regen afzwakken. Tijd genoeg om het museum te bezoeken. Het spijt me om te zeggen, maar het architectonisch bekroonde gebouw werd een afknapper. Ik had er mooie replica’s verwacht, helaas op enorme betonblokken komen de tekeningen niet tot hun recht. Weinig vondsten werden getoond, nadat ik later begreep zijn er geen grotten met bewoning ontdekt. De enorme ruimtes zijn karig gevuld, de voltallige collectie van het Drents Museum -inclusief depot- zou er makkelijk in passen. Eén hele mooie nagebouwde wand toonde een wirwar aan dier afbeelding. Door middel van een druk op knop kan men het “verlichte” dier bekijken.
Die nacht stond ik op de parkeerplaats van het museum geparkeerd, getergd door regen en stormwinden. Beste lezers, het komt uw kant op! Maak alles maar vast rondom uw huis!
Portugal: afbeeldingen van diverse beesten - CôaPortugal: afbeelding paard, CôaDe volgende ochtend vertrok ik met een gids naar de afbeeldingen die gelukkig nog steeds in situ staan. Het was maar goed dat hij erbij was. Ik was langs menig voorstelling gelopen. Op elke rots -althans de gegraveerden- staan meerdere afbeeldingen door elkaar. Wat daar de reden van is weet men niet. Mogelijk een afbakening van een territorium, mogelijk de cyclus van het dierlijk leven voorstellend, mogelijk op diverse tijdstippen gemaakt. De meesten zijn tussen 10.000 en 22.000 jaar oud. De stijl is hetzelfde, met pecking techniek gegraveerde afbeeldingen. Naast één van de afbeeldingen is een dierlijk bot gevonden. Het enige in de omgeving, 18.000 jaar oud! De slechts ingekraste afbeeldingen worden een stuk ouder ingeschat, 40.000 jaar. Ze zijn door hun techniek een stuk minder waar te nemen. U merkt het, hier valt nog veel te ontdekken, dit jaar nog zijn er weer nieuwe afbeeldingen waar genomen. Maar wederom geen spoor van menselijke bewoning. Was het een cultplek in de prehistorie? Het wachten is op verder onderzoek en ontdekkingen.
Ondertussen geniet u van het uitzicht en flinke beklimmingen alsof u in de voetsporen van de prehistorische mens loopt. Onder u kabbelt de rivier de Côa rustig door, alsof er in duizenden jaren niets veranderd is. Behalve dan dat haar waterpeil 12 meter hoger is en ze vele kunstuitingen tot in lengte van dagen beschermd.

Keyphrase: Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal, Portugal,

Laat u inspireren door mijn verhalen uit het verleden!