Losse verhalen over een duistere periode
Oradour Sur Glane – De auto wacht nog steeds op de dokter!
12.00 uur: op 10 juni 1944 wordt het dorpje Oradour sur Glane omsingelt door de 2e SS panzer division “Das Reich”. Een regiment van deze divisie (Der Führer) vocht in de meidagen op de Grebbeberg. Daar maakte ze zich schuldig aan diverse oorlogsmisdaden. In Frankrijk (ongeveer 300 km ten zuiden van Tours) zouden deze fanaten wederom op een gruwelijke manier van zich doen laten spreken.
De bewoners van Oradour moesten zich op het marktplein verzamelen. Zogenaamd om hun identiteit te controleren. De mannen en de vrouwen werden van elkaar gescheiden.
16.00 uur: op diverse plaatsen in het dorp worden de mannen met machinegeweren van het leven beroofd!
17.00 uur: de vrouwen en kinderen worden in de kerk opgesloten. De SS-ers plaatsen kisten met brandbaar materiaal rondom de kerk. De lonten worden aangestoken, een
verstikkende rook dringt de kerk binnen. Vrouwen proberen te ontsnappen, maar worden neergemaaid door machinegeweren. Terug naar de kerk! De rook beneemt het inademen van verse lucht. Alle vrouwen, behalve Marguerite Rouffarche -zij weet te ontsnappen- en kinderen komen om. De jongste is slechts 8 dagen oud!
Kille cijfers: 642 mensen vinden op die dag de dood. Zes overleven het bloedbad, voor het leven getekend door verschrikkelijke herinneringen.
Aanleiding: er zijn twee versies. Het verzet had een spoorbrug opgeblazen waarbij twee hoge Duitse officieren het leven lieten. De tweede beweert dat er officieren door het verzet waren ontvoerd. De SS ging opzoek.
Vernietiging: van hoger hand werd bepaald dat het dorp onbewoonbaar gemaakt moest worden en de inwoners als voorbeeld terechtgesteld. Vee werd meegenomen en de huizen opgeblazen.
Na de oorlog: de Franse regering bepaalde dat het dorp eruit moest blijven zien zoals het door de SS
werd achtergelaten. Een monument ter herinnering en tegelijkertijd een waarschuwing voor fascisme.
Vandaag: bezocht ik Oradour. Het was er druk, ook veel Nederlanders die net als ik benieuwd waren naar het dorpje waar de tijd 81 jaar stil heeft gestaan. Eind van het jaar kan het voorlopig niet meer. Er vind op grote schaal restauratie plaats. Veel van de gebouwen -de meesten zonder dak- doorstaan anders de elementen niet lang meer. Het bezoekerscentrum was helaas al gesloten, lopend door de verwoeste straten overviel me een zeldzame rust en tegelijkertijd een gevoel van medelijden met de slachtoffers. De bakker, het dorpscafé, de garage, etc.. Al deze gelegenheden staan er nog, een plakkaat van plexiglas herinnert aan de
bewoners. De verwoesting is compleet, de huizen zijn ruïnes. De fietsen en auto’s, het gereedschap, resten van potten en pannen, de keukenovens etc., staan er nog, verroest en half vergaan. Treurig staat, de banden vergaan en de carrosserie verroest, midden op het plein de auto van de dokter. De man die normaal gesproken mensen beter maakt behoort nu tot de omgebrachten. Zijn auto is zijn grafmonument!
Meest aangrijpend zijn de muren langs de boerderijen, dit zijn de plekken waar de mannelijke bewoners doodgeschoten zijn, maar ook de kerk. Wat een drama heeft zich daar afgespeeld. De stilte onder de bezoekers is veelzeggend!
Inmiddels is een eindje verderop het nieuwe Oradour gebouwd. Tegenwoordig telt ze zo’n 2500 inwoners. De Franse regering verordonneerde dat de bewoners ervan in het zwart gekleed moesten gaan. Of dat tegenwoordig nog het geval is, weet ik niet.
Veroordeling: Je zou toch denken dat de plegers -opdrachtgevers en plegers- er niet ongestraft van af zouden komen. Slechts een enkeling is veroordeeld. De grootste beulen ontkwamen hun straf en leefden tot in de 21e eeuw. Waarom? Diverse factoren, maar een weigering tot uitlevering van de Duitse regering is toch wel het meest schrijnend!!
De Verteller van het Oude begrijpt het niet, misdadigers bescherm je niet, je veroordeelt ze!
Een krijtkaap met een “Nederlandse” naam
Even een uitstapje in een andere tijd. Een uitstekende klif in het noorden van Frankrijk waar de meeste mensen wel van gehoord hebben. Minder bekend is dat de “blanke neus” (letterlijke vertaling in het Frans) qua benaming zijn oorsprong in het oud-Nederlands heeft.
Blanka Nest – blanke/witte uitstekende punt. In de 17e eeuw verbasterd in het Frans tot haar huidige naam, Cap Blanc-Nez. Ik sta al een paar dagen geparkeerd in het nabij gelegen plaatsje Wissant, genietend van de zon en zee en mijn Hollandse eten. Vandaag had ik behoefte om de 134 meter boven de zeespiegel uittorende heuvel per fiets te beklimmen en te gaan genieten van het uitzicht en de bijzondere geschiedenis van de Cap. Als me één ding duidelijk geworden is; ik ben absoluut geen berggeit. Deelnemen aan de Tour de France zit er voor mij niet in. De steile heuvels rondom het gebied kon ik maar met moeite bedwingen.
Boven aangekomen -trouwens ook uit de verte- viel onmiddellijk de grote obelisk op. Een herinneringsteken aan de Dover-patrouille in de eerste wereldoorlog. Op dit gedeelte is het Kanaal het smalst en was ze cruciaal voor de Geallieerden. De Dover patrouille, voornamelijk bestaande uit Engelse schepen en manschappen, had tot voornaamste taak deze zee-engte te bewaken. Hiertoe werden vele vissersboten en hun bemanningen gevorderd en voorzien van kanonnen en instrumenten om de vele drijvende Duitse mijnen onschadelijk te maken. Daarnaast zorgde ze voor het transport van gewonden die in Engeland behandeld moesten worden en leverde zijn voorraden af in Frankrijk. In totaal vonden meer dan 2000 zeelieden van deze groep de dood. Meestal veroorzaakt door een ontploffende mijn. Om hen te eren werd de “Naald van Cap Blanc-Nez” opgericht.
Iets meer dan dertig jaar later veroverden de Nazi’s het gebied. Zij bouwden het gebied om tot één van
de meest versterkte posities van de Atlantikwall. De Lindemann groep, zoals de bezetters van drie enorme bunkers genoemd werden, schoten met hun 20 meter lange kanonnen enorme granaten -ze wogen meer dan een ton- af op de Engelse kusstreken. Er bestaat een iconische foto van een Duitse soldaat op wacht staand, naast het enorme kanon. “Kijk ons eens veilig zijn, wij beschermen Duitsland!”, lijkt het te willen uitdrukken. Goed voor het moraal!(?)
Waar de Engelse bommenwerpers niets konden uitrichten tegen de bunkers -getuige de vele bomkraters- slaagde de bouw van de Kanaaltunnel! In 1993 werden de vestingwerken overspoeld met vloeibaar slib uit de tunnel. Vele kleinere versterkingen liggen er nog steeds onder.
O ja, “de Naald” werd door de Nazi’s opgeblazen. Geen herinnering aan die nederlaag! In de jaren zestig is ze herbouwd.
Blanc-Nez staat ook bekend om haar fossielen rijkdom. Een toestand die ik me alleen uit het grijze verleden kan herinneren. Het verslag van mijn teleurstelde, mooie tocht, krijgt u later. Morgen eerst naar Cap de grijze neus.
Patton, de tank onder de generaals
Daar ligt hij dan, eenzaam maar niet alleen, bedekt met graszoden, afgeschermd door een ketting,
omgeven aan weerszijde door een haag, tegen een kale muur, voorzien van een simpel wit kruis.
Het graf van de door de Nazi’s meest gevreesde Geallieerde generaal George S.(Smith) Patton op de Luxemburg American Cemetery and Memorial in Hamm. Sectie P. rij 1, graf 1.
Precies zo als hij gewild had, begraven voor zijn gedode strijdmakkers alsof hij ze ook nu nog aanvoert.
George Patton werd in 1885 geboren, wanneer de kinderen in ons land het feest van St. Maarten vieren is het precies 140 jaar geleden.
In zijn latere leven was hij de man die Amerikaanse tankbataljons heeft opgebouwd, toen de Tweede
Wereldoorlog uitbrak werd hij hun commandant. Het derde legerkorps kwam onder zijn leiding. Meest bekend werd hij (en zijn manschappen) door in Marokko de Duitse linies te doorbreken, op Sicilië -uit onvrede met het aanvalsplan van o.a. Montgomey- zijn eigen weg te volgen en zodoende de Duitsers op de vlucht slaand, in Normandië -waar de strijd in een impasse was geraakt- met zijn tanks uit te breken en een ongekend snelle opmars van 1000 km te forceren. Tijdens het Ardennen offensief was hij het die het Amerikaanse leger bij Bastogne ontzette. Geen wonder dat de Nazi’s hem het meest vreesden.
Zijn Engelse tegenpool Montgomery noemde hem een -probeert u de Engelse vertaling uit te spreken door de mond van deze snobistische generaal- getalenteerde maar roekeloze commandant. Te impulsief en onnodige risico’s nemend, showman met twee colts 45 voorzien van ivoren handvaten aan zijn zijde en vloektaal sprekend.
Patton was op zijn beurt niet te spreken over Monty en noemde hem een bekwame verdedigende commandant, traag en voorzichtig, te veel met publiciteit bezig, zelf ingenomen en arrogant.
Tja, zelfs mensen die een gemeenschappelijk doel nastreven kunnen elkaar soms niet luchten of zien. De tweespalt tussen hun beiden begon met de acties van Patton op Sicilië.
De commandant van de Geallieerde strijdkrachten -Eisenhower- noemde Patton de ideale vechtmachine, alleen zijn naam al joeg zijn vijanden de stuipen op het lijf.
Ik geloof dat dit misschien wel de beste omschrijving van het karakter van de begraven held -want dat is hij- is, want op de mens is wel het een en ander aan te merken (op wie niet trouwens). Zo schoffeerde hij enkele soldaten in een veldhospitaal. Zij leden aan shellshock. Aanstellers en lafaards waren ze! Gevolg: ontheven van zijn bevelvoering, later weer aangenomen omdat de vechtjas op het strijdtoneel onontbeerlijk was. Maar het typeert hem. Toch liepen de soldaten met hem weg, hij stond garant voor succes.
Toen de oorlog was afgelopen verzocht Patton de strijd tegen de Japanners te mogen voortzetten. Vanwege de botsende karakters met MacArthur -opperbevelhebber in de Stille Oceaan- werd dit geweigerd. Patton werd teruggeroepen naar de VS.
Een dag voor zijn vertrek uit Europa werd de auto waarin hij vervoerd werd, aangereden door een truck. Patton overleed op 21 december 1945 in een hospitaal en niet op het slachtveld zoals hij gewild had.
Met deze bijdrage eindigt mijn geschiedkundige reis door Europa. Terug naar de steentjes in Nederland! Weer zin in!!
15 onbekende concentratiekampen
De afgelopen twee jaar ben ik -samen met vriend Kees- op zoek geweest naar overblijfselen van concentratiekampen in het Emsland. In de streek langs de Drents/Groningse grens, aan Duitse zijde, heeft zich gedurende de Tweede Wereldoorlog -en vlak daarvoor- een afschuwelijk en nu bijna vergeten drama afgespeeld. In 1933 Richtten de Nazi’s 3 werkkampen in voor de tegenstanders van Hitler, zonder veroordeling konden zij weggestopt worden in deze kampen, te midden van uitgestrekte moeras gebieden. Doel was de gebieden te ontginnen en gereed te maken voor de landbouw.Soms ontsnapte een gevangene naar Nederland -de grens was soms niet verder dan 1500 meter weg- waarna ze opgepakt en teruggestuurd werden. Velen werden meteen doodgeschoten, Auf der Flucht erschossen!
In de jaren daarna kwamen er steeds meer kampen bij, 15 in totaal. De populatie veranderde. O.a. verzetsstrijders en krijgsgevangenen werden er opgesloten. Ook Nederlanders kwamen in de kampen terecht. Men moest vele ontberingen doorstaan. Te eten kregen de mensen nauwelijks, het werk was zwaar. De bewaking meedogenloos, de kleding ontoereikend, ziekten braken uit. Volgens de officiële cijfers hebben meer dan 30.000 mensen hun leven verloren in de door Jan en alleman verlaten omgeving. Het werkelijk aantal doden is veel hoger. In de vele massagraven liggen duizenden Russische soldaten, meestal gestorven als gevolg van uitputting -ze werden stelselmatig uitgehongerd- en ziekten, vnl. vlektyfus en dysenterie.
Hun behandeling tart elke beschrijving, een Russisch leven was niks waard. Er stierven meer ongelukkigen dan er in de boeken geregistreerd staan. Sommige onderzoekers beweren dat met het dubbele aantal sterfgevallen (vermoorden) rekening gehouden moet worden.
Tegenwoordig is van de kampen weinig over. Je moet goed zoeken naar aanwijzingen uit het verleden. Maar ze zijn er. Vandaag de dag is er meer aandacht voor wat er minstens 80 jaar geleden gebeurd is. In Esterwegen is een groot herdenkingscentrum opgericht. Daar kan de bezoeker de verschrikking van het Nazi regime goed in zich opnemen. Vergeet vooral niet een bezoek te brengen aan de vele massagraven. Het maakt je nederig, steeds maar weer stel je die ene vraag: ‘Waarom doen mensen elkaar dit aan?”
Ereveld Grebbeberg
Een lang gekoesterde wens van me ging eindelijk in vervulling. Het was er nooit van gekomen, maar ik wilde altijd al het militair ereveld op de Grebbeberg bezoeken.
Direct na de capitulatie werd onder leiding van de Duitse bezetter begonnen met de aanleg van het grafveld voor de omgekomen soldaten -388 volgens de registers- tijdens de slag om de Grebbeberg. Aanvankelijk werden ook Duitse soldaten -ongeveer150- hier begraven. Na de de bevrijding werden zij bijgezet op de Duitse begraafplaats in Ysselsteyn.
Bij de ingang staat het Nationale Legermonument. Dit gedenkteken, dat naar een ontwerp van ir. J.J.P. Oud door J.A. Raedecker en zijn zoon is gemaakt, bestaat uit een wit natuurstenen kruis met aan weerszijden een gebeeldhouwde liggende leeuw van kalksteen (Vaurion). Het monument is geplaatst op een rechthoekig voetstuk. De tekst op de voorzijde van het voetstuk luidt: ‘DEN VADERLANT
GHETROUWE’. Op de achterzijde van het voetstuk staat: ‘BLIJF ICK TOT IN DEN DOOT’.
Sinds 1946 worden op de Grebbeberg ook militairen (her)begraven die tijdens de meidagen van 1940 elders in Nederland zijn omgekomen. De begraafplaats telt nu meer dan 800 graven.
Het geheel is prachtig onderhouden, zij die gevallen zijn verdienen het!